Darth Vader

11.12.2015

Darth-Vader

Hè nee hè. Lekke band. Ik loop het tuinpad af en ga aan de straatkant staan met mijn fiets aan de hand. Zou hij komen, die redder van toen?
Lang geleden waren Paul en ik een weekje op vakantie op Corsica. Arme studenten, we hadden het geld voor de vliegreis bij elkaar geschraapt en zaten in een resort op 20 kilometer van Ajaccio. Zonder vervoer.
Na een paar dagen hadden we het daar wel gezien en besloten naar Ajaccio te gaan.
Bij het hotel huurden we fietsen en vertrokken vol goeie moed.
De afstand viel tegen. De fietsen ook. Gammele vouwfietsjes met slechte remmen.
Levensgevaarlijk zoals wij met 30 km per uur de berg af kwamen jakkeren en via een druk kruispunt de stad in denderden.
En aan het eind van de dag moesten we dat hele klotestuk weer terug.
De terugweg, tien minuten onderweg. Lekke band. Geen probleem. Binnen vijf minuten geplakt. Een paar minuten later. Andere band lek. Ook geplakt.
Vijf minuten later. WAT??? Alweer een lekke band?
Plakkertjes op.
Daar stonden we op een godsverlaten kustweg op kilometers afstand van ons resort.
Twee plakkertjes in het bandenplakdoosje, drie keer een lekke band.
Wat nu?
We zetten de fietsen tegen een struik en gingen op een steen zitten nadenken.
Lopen? Veel te ver.
Dan, in de verte onheilspellend geronk. Met hoge snelheid kwam een motorrijder recht op ons af rijden.
We deinzen, hij ziet er angstaanjagend uit.Van top tot teen in zwart leer. Donkere integraalhelm met zwarte klep waardoor zijn gezicht niet te zien was.
Een soort Darth Vader avant la lettre.
Een zwarte klauw stopt iets in de hand van Paul en hij scheurt in een stofwolk weer weg. Hooguit drie seconden duurde deze ontmoeting.
Verbijsterd kijken we de motorrijder na. Paul opent zijn hand, het is een plakkertje.
Hè? Hoe wist hij van de lekke band? En dat we geen plakkertjes meer hadden????
“Wat was dat voor griezel?” vroeg ik, “waarom zei hij niets?”
Zijn gezicht hebben we niet gezien. Zijn stem niet gehoord.
Paul plakte de band en twee uur later waren eindelijk terug op ons resort.
Sindsdien vraag ik me af wie deze geheimzinnige reddende engel was. Wie had hem gezonden?
En zal hij ooit nog eens aan me verschijnen?
Ik ga met mijn fiets met lekke band bij het tuinhek staan luisteren of ik een motorrijder hoor naderen. Je weet maar nooit.