Optreden

29/04/2016

optreden groepsfoto selfie torpedo

‘Staat er een soort spreekgestoelte op het podium?’ vraag ik aan mijn docente schrijftraining.
Zaterdag 23 april is de eerstejaarssalon van de Schrijversvakschool. Dat houdt in dat vier groepen eerstejaars moeten voordragen uit eigen werk. In een theater, op een podium.
Alsof ik dat kan.
Ik op een podium voor een zaal mensen? Dat worden knikkende knieën, klamme handjes en een haperende stem. Ik zie mezelf daar al staan. Rood hoofd. Black-out.
Ze stelt me gerust. Ja, er is een lessenaar waar je je tekst op kan neerleggen. Mooi zo. Misschien kan ik wel achter die lessenaar gehurkt gaan zitten. Of anders me gewoon in de zaal onder mijn stoel verstoppen.
Ik ben als achtste aan de beurt. Nagelbijtend luister ik naar de anderen.
Nummer één tot en met zeven staan met flair en verbluffende vanzelfsprekendheid op het podium. Goeie teksten ook.
Ik moet. Adem in, adem uit.
Met mijn tekst tegen mijn buik gedrukt om te voorkomen dat mijn trillende handjes te zien zijn loop ik naar voren. Twee treedjes op. Niet struikelen.
Verblind door het felle licht op het podium leg ik mijn tekst neer en buig me over het spreekgestoelte. Ik kijk niet op, want ik wil niet zien hoeveel ogen er op mij gericht zijn.
Wat is het eng stil. Van mij mag het publiek wel even kuchen of hoesten of hun neus ophalen. Oh, ze wachten natuurlijk tot ík iets zeg.
Ik begin. Ha, het lukt me de eerste zin zonder hakkelen uit mijn mond te krijgen.
Rustig praten, rustig praten.
Hoor ik daar applaus? Yes, het is voorbij. Ik loop snel terug naar mijn veilige stoel waar ik ga zitten natrillen.
‘Ging heel goed,’ fluistert Nicole naast me.
Meteen daarna is de eerste pauze en bestormen we de bar achterin de zaal. Ik vind het al een stuk leuker nu mijn helletocht achter de rug is.
Toch moet ik nog een keer het podium op. Ik ben de verteller in een komische sketch geschreven door Stephan. Het toneelstukje staat als allerlaatste geprogrammeerd. Dit keer durf ik wel de zaal in te kijken en zie iedereen schateren van het lachen.
Mijn twee klasgenoten Stephan en Margo zijn hilarisch. Na afloop krijgen ze bij de bar complimenten en schouderklopjes van de andere eerstejaars. Ze waren ook fantastisch, er wordt gefluisterd dat Hollywood al voor ze gebeld heeft. Niet voor mij hoor, ik was slechts de verteller.